Wasbeerhond Nyctereutes procyonoides |
|
 |
|
| Data |
lengte: 65 - 80 cm
staartlengte: 15 -25 cm
gewicht: 5 - 8 kg |
|
| Biotoop |
De wasbeerhond leeft bij voorkeur in loofbossen en gemengde
bossen met een dichte ondergroei en in de nabijheid van water. Zijn hol
bevindt zich onder rotsen of in de grond. |
|
| Voortplanting |
De paartijd valt in januari-februari. De draagtijd duurt
57 à 79 dagen. Gemiddeld werpt het wijfje 6 jongen, maar het kunnen
er ook meer zijn. De welpjes zijn bijzonder speels. |
|
| Voedsel |
De wasbeerhond is een avond- en nachtdier. Dat wat zijn voedsel
betreft is de wasbeerhond weinig kieskeurig: muizen, vogels, eieren, vis,
kikkers, insecten, aas, bessen en vruchten. |
|
| Gedrag |
Wasbeerhonden graven hun hol soms zelf, maar vaak ook nemen
ze een oude burcht van een vos of een das in bezit. Ze bewonen niet alleen
holen in de grond, maar ook wel boomholten of rotsholen. Het sociale gedrag
van dit dier is vooral in gevangenschap bestudeerd. Bij het dreigen tegen
een soortgenoot laat de wasbeerhond een snuivend geknor horen. Net als bij
de hond roepen sterke natuurlijke geuren, zoals van urine, fecaliën
en zelfs aas, een bepaald gedrag bij de wasbeerhond op, waarbij het dier
met de kop en de zijkanten van de hals wrijvende bewegingen uitvoert. Vanaf
december tot in april houdt hij een winterrust - een echte winterslaap -
die hij bij mild weer kan onderbreken. |
|
| Kenmerken |
Ondanks zijn naam is deze hondachtige niet verwant met de
Noord-Amerikaanse wasbeer; er bestaat hooguit enige overeenkomst tussen
de gezichtsmaskers van beide soorten. Door zoölogen wordt hij als een
primitief lid van de Hondachtigen (familie Canidae) beschouwd. |
|
| Aantallen |
De soort heeft wel voedselconcurrenten maar, behalve de mens
vrijveel geen vijanden. Oorspronkelijk komt de wasbeerhond uit Oost-Azië.
Omstreeks 1930 liet men de soort in het westelijk deel van de Sovjet-Unie
met opzet verwilderen. Van daaruit verbreidde hij zich ook zeer snel naar
het westen. In 1962 werd hij voor het eerst in Duitsland waargenomen en
het zal niet lang meer duren of hij komt ook bij ons in het wild voor. |
|
|
|
|
 |
 |