Relmuis Glis glis |
|
 |
|
| Data |
lengte: 120 - 180 mm
staartlengte: 110 - 150 mm
gewicht: 70 - 230 g |
|
| Biotoop |
Bossen met veel ondergroei en beschutting. Hij leeft graag
in de buurt van een droge schuur of een verlaten zolder boven een stal. |
|
| Voedsel |
Relmuizen knagen aan takken, vooral indien de bast onder
de schors zoet en sappig is. Ze kunnen dan ook in boomgaarden en aanplantingen
flinke schade toebrengen. Plantaardig voedsel vormt de hoofdmoot van zijn
menu, vooral vruchten, maar ook noten, schors en paddestoelen. Soms vergrijpt
hij zich aan vogeleieren en jongen, grote insecten en ander klein gedierte
dat hij te pakken kan krijgen. In huizen knagen ze soms aan het houtwerk.
De relmuis eet 's zomers zo veel, dat in de herfst zijn zomergewicht van
circa 125 g bijna is verdubbeld. |
|
| Voortplanting |
Na de paring in juni-augustus en een draagtijd van 30-32
dagen werpt het wijfje eenmaal per jaar in juli-september 4 à 5 jongen.
Het nest van dorre bladeren en gras bevindt zich in een boomholte, een oud
eekhoornnest, of in een rustig hoekje van een zolder. |
|
| Gedrag |
Zoals alle slaapmuizen is de relmuis een nachtdier. Hij waagt
zich overdag echter vaker buiten zijn schuilplaats dan zijn verwanten. Relmuizen
maken uiteenlopende geluiden, van gepiep en gesnuffel tot geknor en gegrom.
Ze klimmen voortreffelijk en bouwen het zomernest hoog in een boom in een
holte of in een tegen de stam gelegen vork. De winterslaap houden ze ook
vaak op zolders; bij het betrekken van de winterkwartieren zijn ze nogal
luidruchtig, vooral omdat ze meestal in losse groepen leven. Zijn winterslaap
duurt een maand of zes-zeven (van oktober tot april) en daarom wordt hij
ook wel 'zevenslaper' genoemd. |
|
| Kenmerken |
Deze grootste slaapmuis van Europa ziet er wat uit als een
kleine, grijze eekhoorn. De buikzijde is wit, de bovenzijde grijs. Op de
staart, aan de buitenkant van de poten en rond de ogen is hij donkerder
getint. De relmuis zit net als een eekhoorn rechtop, maar houdt hierbij
zijn staart horizontaal. De staart dient als evenwichtsorgaan. Bij het klimmen
over dunne twijgen zwaait het dier er danig mee heen en weer. Als een vijand
hem bij de staart pakt, kan hij deze gedeeltelijk loslaten en ontsnappen.
|
|
| Aantallen |
De Romeinen beschouwden de relmuis als een delicatesse en
mestten hem vet, waarna ze er een flinke maaltijd aan hadden. In Nederland
is de soort niet inheems, in België wordt hij in de Ardennen aangetroffen.
Het is de talrijkste slaapmuis van Europa. |
|
|
|
|
 |
 |