| Witbandkruisbek Loxia leucoptera |
|
| N/A | |
| Grootte | L 14-16cm |
| Biotoop | Broedt waarschijnlijk alleen regelmatig in Rusland; in sommige jaren in Finland en Zweden. |
| Kenmerken | Heeft voorkeur voor lariksappels; eet in winter vaak lijsterbessen. Verenkleed als dat van andere kruisbekken, maar adult mannetje vaak feller, frambozenrood (in plaats van steenrood); schouderveren en bovenstaartdekveren met donkerdere centra. Iets leiner dan Kruisbek (met enige overlap) en snavel niet zo zwaar. Behalve aan geluid best te herkennen aan twee brede witte vleugelstrepen (onderste breedst, als gecoupeerde halve maan) en scherp afgetekende brede witte zomen aan tertials. |
| Trek | Standvogel, met onregelmatige influx in West-Europa. |
| Aantallen | In Nderland Dwaalgast, maar invasies komen voor (in september 1889, augustus-november 19990 en vooral winterhalfjaar 1997-98, vanaf augustus, met meer dan 180 exemplaren). |
|
|
|
|
|
|