Wijdst
verspreide Leeuwerik van Europa. Zingt meestal in fladderende, biddende
vlucht hoog in de lucht, van zonsopgang tot zonsondergang. Zang een
algemeen bekende, aanhoudende stroom van trillers en jubelende klanken,
vaak met nabootsingen daarin verwerkt. In najaar en in winter in zwermen
op stoppelvelden. Hij eet insecten en zaden.
Trek
Trekt
eind september-begin november uit Noord-Europa weg om er in februari-maart
terug te keren, hoog in het noorden pas begin mei. Blijft in de lage
landen 's winters vaak zo lang mogelijk en trekt pas zuidwaarts bij
sneeuw en vorst.
Aantallen
Een
van de talrijkste vogels op akkers en weilanden.